Niet doen!

Overlijden van een dierbare4-6 jaarOverlijden gezinslid van een kindje is > 1 jaar geledenNiet doen!

Denken dat het rouwen op een bepaald moment klaar is
Als een kind een verlies moet meemaken van een gezinslid, gaat de rouw nooit ‘over’. Het wordt, als het goed is, wel minder aanwezig en minder pijnlijk. Ook wanneer een kind het verlies gezond kan verwerken, duikt op bepaalde momenten het rouwgevoel ineens op.

Verzwijgen
Verzwijg het verlies en het verdriet niet, maar maak het bespreekbaar. Wegstoppen van hun verdriet helpt kinderen niet. Belangrijk is wel dat u aansluit bij de belevingswereld van het kind en dat het niet allemaal vanuit u komt. Kinderen geven vaak signalen die u kunt oppikken.

Het kind als anders of zielig behandelen
Extra liefde en aandacht is belangrijk en fijn voor een kleuter. Maar behandel hem of haar niet als anders of zielig!
Jannes verloor zijn vader en legt uit waarom hij het wel én niet prettig vond om anders behandeld te worden:


Schrikken van praktische vragen
Kinderen van deze leeftijd kunnen zich heel veel praktische zaken afvragen. Zo kan een kleuter plompverloren vragen of de beestjes onder de grond hun moeder nu helemaal op hebben gegeten. Geef kinderen dan ook zo eerlijk en duidelijk mogelijk antwoord op zo’n manier dat u er eventuele zorgen mee wegneemt.

Corrigeren
Jonge kinderen kunnen dingen zeggen die op u cru overkomen, bijvoorbeeld: "Ik vind de vriend van mama liever dan papa, die was toch altijd ziek in z'n bed." Corrigeer dan niet, maar sluit aan bij wat hij of zij zegt. Bijvoorbeeld: :"Ja dat was helemaal niet leuk voor jou he dat papa altijd ziek was en niet zoveel kon?" of "Wat fijn dat je je de vriend van mama zo lief vind". Ga in op de onderliggende boodschap, niet op wat het kind letterlijk zegt.

Zeggen over de dood:
“Papa slaapt voor altijd”.
Kleuter kunnen bang worden om zelf te gaan slapen en nooit meer wakker te worden.

“Mama maakt een verre reis en komt nooit meer terug”.
Kleuters begrijpen dit niet en voelen zich in de steek gelaten.

“Simon is doodgegaan, omdat hij zo ziek was”.
Kleuters kunnen niet het verschil begrijpen tussen een ernstige en minder ernstige ziekte. Het is belangrijk dat u het kind uitlegt hoe erg de ziekte van Simon was. Anders wordt het kind bang dat het bij griep of verkoudheid ook dood gaat.

Denken dat kleuters beseffen wat de dood inhoudt
Kleuters kunnen goed herhalen wat een volwassenen heeft gezegd. Ook al zeggen ze: “papa is dood en komt nooit meer terug”, dan wil dat niet zeggen dat ze dat ook begrepen hebben. Ze kunnen blijven vragen waarom papa weer niet op hun verjaardag komt. Het is heel belangrijk om keer op keer te vertellen dat mensen die dood zijn, echt nooit meer kunnen terugkomen. Ook niet op een verjaardag... U kunt ook vertellen dat je door aan iemand te denken die dood is, toch wel een beetje het gevoel kan krijgen dat 'ie bij je is. Maar dat is dan in je hoofd en niet in het echt.


Praktijken voor Jonge Helden


Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief!

Vind ons leuk op Facebook!
4_6_4.jpg
 
Kleuters kunnen goed herhalen wat een volwassenen heeft gezegd. Dat wil dan niet zeggen dat ze het ook begrepen hebben.